
Hoe voorkom je dat infraroodverwarmers in de badkamer kortsluiting veroorzaken?
Het installeren van een infraroodverwarmer in de badkamer is een risicovolle onderneming als je niet voorzichtig bent. Er is overal stoom, en er is altijd het risico op waterdruppels die in de apparatuur terechtkomen. Je kunt niet zomaar een gewone verwarmer op de muur hangen en hopen op het beste. Dat leidt tot problemen.
Wanneer we zulke apparaten maken, moeten we vooral twee dingen voorkomen: dat de elektriciteit ergens anders naartoe gaat dan bedoeld, en dat water in de apparatuur terechtkomt.
Omgaan met de stoom
Waterdamp maakt oppervlakken veel geleidbaarder. Om te voorkomen dat de elektrische stroom ergens anders naartoe gaat, gebruiken we hoogwaardige alumina-ceramiek of versterkt kwartsglas voor de behuizing van de lamp. Dit zijn geen gewone materialen; ze fungeren als een soort ‘muur’. Ze houden de elektriciteit binnenin de apparatuur en voorkomen dat deze in contact komt met de buitenkant. Zelfs wanneer de kamer zo vochtig is dat je je hand nauwelijks nog kunt zien, blijft de elektriciteit op zijn plek.
Het voorkomen van lekken
Het grootste probleem ontstaat meestal op de plek waar de draden met de lamp worden verbonden. Dat is de zwakste plek. Als je een standaard R7s of SK15-aansluiting gebruikt zonder goede afsluiting, zullen de contactpunten gaan roesten. Hierdoor kan er kortsluiting optreden, waarna de apparatuur kapotgaat. Om dit te voorkomen, gebruiken we gesloten aansluitingen en hittebestendige buizen met kleverige laagjes. Hierdoor blijft de vochtigheid buiten de apparatuur. We omhullen alles ook met een IPX4- of hoger beveiligingsniveau, zodat een paar druppels water het systeem niet kunnen beschadigen.
Gronding en de balans tussen warmte en veiligheid
Een goede grondingsroute is essentieel. We verbinden de buitenkant van de apparatuur rechtstreeks met de aardingsdraad. Als er iets misgaat, stroomt de elektriciteit direct naar de GFCI. Hierdoor wordt de schakelaar uitgeschakeld, in plaats van dat de muur of degene die hem aanraakt, een geleider wordt.
Maar er is een nadeel: als je de apparatuur te goed afsluit om water buiten te houden, blijft de warmte binnenin. Als de elektronica te heet wordt, kunnen de condensatoren drogen uit en kapotgaan. Het is dus een balansvraagstuk: de apparatuur moet waterdicht zijn, maar tegelijkertijd moet de elektronica nog wel kunnen ademen.
De veiligste oplossing? Gebruik hiervoor een speciale RCD met een stroomsterkte van 30mA. Op deze manier zal het systeem veilig falen, mochten er problemen ontstaan.